Bronvermelding
de Ondernemer/Algemeen Dagblad
door R.J. Rueb

Robert Robinson (september 2004):
“Zo’n solo-fietstocht naar Barcelona is best confronterend”

Als ondernemer heb je het altijd druk. Het leven wordt in beslag genomen met het draaiend houden van ‘de zaak’ en aan jezelf ontspannen kom je slechts zelden toe. Toch is het voor iedere ondernemer raadzaam om zo af en toe eens passen op de plaats te maken en tijd vrij te maken voor de eigen ik.

Directeur Robert Robinson van ImpressiveGreenApple, het in kantoorpersoneel gespecialiseerde personeelsbemiddelingsbureau, negen medewerkers groot en gevestigd in Den Haag, besloot na tien jaar buffelen een moment voor zichzelf te nemen en de hectische bedrijvigheid van het alledaagse bestaan voor twee weken achter zich te laten. Hij pakte de fiets en peddelde moederziel alleen naar Barcelona. “Nee, het had niets te maken met dat ik op dat moment bijna vijftig was,” lacht Robert Robinson. “Ik had tien jaar van mijn leven in de zaak gestopt. Werken van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Ik was op een punt in m’n leven aangekomen dat ik er wel eventjes tussenuit wilde. In mijn eentje dan, even helemaal in m’n uppie. Sinds bijna drie jaar leid ik ImpressiveGreenApple samen met mijn compagnon Pia van Boven. Dat maakte voor mij de weg vrij om in alle vertrouwen de zaak eventjes achter me te kunnen laten; ik wist dat het bedrijf in goede handen was.”

Onbegrensd fietsen
“Het begon allemaal met het boekje ‘Onbegrensd fietsen’ van Paul Benjaminse, waarin van stap tot stap wordt beschreven hoe je van hier naar Barcelona kunt fietsen (1800 kilometer). Ik besloot die route te gaan doen. Ik heb de neurotisch-dwangmatige neiging om af en toe een prestatie neer te zetten. Er moet spanning in mijn leven zijn, anders word ik vervelend. Dat heeft niets met fanatisme te maken. Ik had bijvoorbeeld helemaal niets met fietsen; integendeel, ik had nog nooit verder gefietst dan van Voorburg naar Den Haag.
Op 16 september 2004 vertrok ik. Ik had maar weinig bij me. Ik fietste gemiddeld 145 kilometer per dag. Ik reed echt volgens het boekje, maar kwam er gaandeweg achter dat het vooral een puzzelrit was. Af en toe bleek de informatie uit het boek behoorlijk verouderd te zijn of was de omschrijving zo vaag, dat je het echt niet meer wist. Ik ben een aantal keren goed verdwaald. Ik heb dan ook een erg slecht richtinggevoel. Vooral als je bovenop een berg staat en de keuze hebt uit links- of rechtsaf, dan kan je maar beter even wachten tot er iemand langskomt om je de weg te wijzen. Ik heb dat één keer niet gedaan en moest toen uiteindelijk drie bergen op en afrijden om weer een beetje in de goede richting te komen. Uiteindelijk heb ik ruim 300 kilometer te veel gereden.”

Prestatiedwang
“Ik hanteerde een strak dagprogramma. Vroeg opstaan, ontbijten en fietsen. Rond een uur of drie ging ik op zoek naar een hotel. Dat viel soms niet mee. Twee keer kon ik écht niets vinden en heb ik bij wildvreemde mensen onderdak gekregen. Dat waren eigenlijk de enige twee keren dat ik contact had met mensen onderweg. Ik wilde alleen zijn en dan zoek je het zelf niet op. Ik moest er onderweg wel aan wennen dat ik niet alleen aan het fietsen was om het fietsen. De prestatie mag niet het allerbelangrijkste zijn; je moet er vooral van genieten. Op de fiets heb je de tijd om dingen tot je te laten komen, je ziet de schoonheid van het land, snuift de geschiedenis op, zoals in Verdun en bij het geboortehuis van Jeanne d’Arc. Al die dingen waar je met de auto normaliter langsscheurt.”

Confronterende vrijheid
“Zo’n fietstocht is best confronterend. Niet alleen is het fysiek een uitdaging, maar twee weken helemaal alleen zijn is iets dat je in het normale dagelijkse leven niet kent. Ik hoopte er wat nieuwe inzichten mee te krijgen en onvermoede creativiteit mee aan te boren. En ook vooral innerlijke rust te vinden. Dat laatste viel zwaar tegen. Tijdens zo’n dag fietsen ben je constant aan het overleven. Ik kwam er geen moment toe om mijn gedachten echt te verzetten. Wat wel een enorme eye-opener was, is de absolute vrijheid die je voelt. Er is niemand aan wie je je hoeft te verantwoorden; je mag het helemaal zelf doen. Ook is het erg goed voor je ego. Onderweg had ik weliswaar mijn mobieltje uitstaan, maar ik belde iedere avond met mijn vrouw en af en toe haalde ik mijn sms-berichten op. Dan genoot ik van de warme deken van medeleven en complimenten die vanuit het thuisfront over me heen gelegd werden. Dat maakt de goeie vitamines aan. Nee, eenzaam heb ik me geen moment gevoeld. Een paar keer heb ik het gevoel gehad dat ik door de natuur werd ingepakt. Ik reed kilometers lang helemaal langs de Loire en kreeg het gevoel dat de bergen om me heen dichtklapten. Dan ervaar je je eigen nietigheid en wordt de tijd iets oneindigs, is je leven plots slechts een lichtflits tussen twee eeuwigheden.”

Pap in de benen
“Al met al heb ik ongelooflijk veel geluk gehad in die twee weken. Ik heb bijvoorbeeld geen materiaalpech gehad, nog geen lekke band. Wel heb ik een dagje met ‘pap in de benen’ rondgereden. Dan kan je die pedalen maar met moeite rondtrappen. Ik heb verder nauwelijks hoeven afzien. Maar een keer zat ik er fysiek doorheen en dat was nadat ik 65 kilometer achtereen omhoog had gereden. Ik had of te weinig gegeten of gedronken of een te grote inspanning geleverd en stond te bibberen op de top. Dat was bij de ‘Poort naar het Zuiden’ bij Le Puy. Het laatste zware stukje was bij de Coll de Mandrella, vlakbij de Spaanse grens. Daar moest ik nog even overheen: een deels onverhard pad met een stijgingspercentage van 13 procent. Toen ik Spanje binnenreed had ik echt een overwinningsgevoel. Van daaruit was het nog maar een klein stukje naar Barcelona, waar mijn vrouw op me wachtte. En het vliegtuig naar huis...”

“Of ik erg veranderd ben door deze tocht? Ja en nee. Mijn karakter is natuurlijk niet veranderd, maar ik heb wel meer inzichten gekregen. Mijn vrouw vindt me relaxter en zegt dat ik meer kan relativeren. Als je klaar bent met zo’n tocht dan overvalt je een gevoel van dankbaarheid. Dat je het fysiek en mentaal hebt kunnen redden en dat het je door het thuisfront – mijn vrouw en mijn collega’s – gegund is.”